Op tv, op straat, online – overal hoor en lees je weer net iets andere talen en taaltjes. Guus Middag staat er maandelijks bij stil.

Guus Middag

Ik zag een stukje van een oud cabaretprogramma, uit 1992, van Herman Finkers. Hij vertelde dat hij een tijdje geleden ergens had zitten vissen, aan de waterkant. “Het was die dag heel toevallig Werelddierendag, dus ik deed een extra dikke pier aan de haak.” Een goed begin. Hij wilde verder vertellen, maar zag zich toen gedwongen om zichzelf even te onderbreken. “Ik onderbreek even dit verhaal. / De oorzaak is banaal, want anaal. / Ik had om half zes een Grieks maal. / En weet u wat daarin zat allemaal?” Na dit vlotte rijm zette hij meteen een liedje in, dat een opsomming gaf van de ingrediënten van zijn Griekse maal. Ze kwamen in hoog tempo voorbij: “De witte boon, de bruine boon – prrt – tuinboon. / De gele boon, de rode boon – prrt – slaboon. / De Franse boon, de sperzieboon – prrt – snijboon. / And hear the word of the Lord – prrt.” Op de plek van “prrt” hoorden we steeds het geluid van een harde scheet, natuurlijk veroorzaakt door al die Griekse bonen. Er volgde een tweede couplet, met dezelfde structuur, dezelfde ingrediënten (maar nu negen andere boonsoorten) en dezelfde scheetgeluiden op dezelfde plaatsen, in hetzelfde hoge tempo. Daarna viel Finkers even stil. Via de luidsprekers zong een andere stem “Oh Lord! Amen!”, waarop Finkers afsloot met “En dat was de heilige boon – prrt.”

Wilt u verder lezen? Log dan hieronder in