Waar komt te hard van stapel lopen vandaan en wat betekent het?

Te hard van stapel lopen betekent ‘te snel iets aanpakken, zonder plan of overleg’. De uitdrukking wordt ook weleens gebruikt als het om verliefde stellen gaat: ze zijn zó verblind door verliefdheid dat ze overhaaste beslissingen nemen, zoals vrijwel meteen gaan samenwonen.

Deze uitdrukking gaat terug op de scheepsbouw. Een stapel is een stellage waarop een schip wordt gebouwd. Als het schip te water wordt gelaten, moet het langzaam van deze stapel in het water glijden. Als het te snel in het water terechtkomt, kan het schip kapseizen of kunnen er andere ongelukken gebeuren. Ervoor zorgen dat een schip niet te hard van stapel zal lopen, is dus een verstandige voorzorgsmaatregel. Vanuit deze gedachte kon niet te hard van stapel lopen een algemene uitdrukking worden: ‘ga niet te snel; denk goed na; laat je niet meeslepen door je enthousiasme of ambitie; neem geen overhaaste beslissingen’.

Op stapel

Hetzelfde woord stapel komt voor in iets op stapel zetten, op stapel staan en op stapel zijn. Ook hier betekent het eigenlijk ‘balkengestel ter ondersteuning van een schip in aanbouw’. F.A. Stoett vermeldt nog dat ‘Daar is wat op stapel!’ gezegd werd als er een baby aan kwam: “dat past men toe op iets, dat naar negen maanden moet afloopen”.

Stapelgek

In het woord stapelgek heeft stapel een heel andere betekenis. Volgens onder meer het Instituut voor de Nederlandse Taal gaat het hierbij om stapel in de verouderde betekenis ‘krekel’ of ‘sprinkhaan’. Stapelgek werd eerst gezegd over mensen die verward en onsamenhangend praatten, wat men associeerde met het eindeloze getsjirp van een krekel. Later werd stapelgek een algemenere versterking en ging het gewoon ‘heel erg gek’ betekenen.