Wat is het verschil tussen een spreekwoord, een zegswijze en een gezegde?

In de praktijk worden spreekwoord, zegswijze en gezegde door elkaar gebruikt als we een vaste uitdrukking bedoelen. Toch zijn er wel verschillen.

Spreekwoord

Een spreekwoord is onveranderlijk. Je gebruikt dus altijd dezelfde woorden in dezelfde volgorde. Een spreekwoord is bovendien altijd een mededeling, geen vraag. Het werkwoord (de persoonsvorm) staat in de tegenwoordige tijd (als er een persoonsvorm aanwezig is). Meestal is een spreekwoord een algemene levenswijsheid: zo gaat het nu eenmaal in de wereld. Voorbeelden van spreekwoorden zijn: ‘Na regen komt zonneschijn’, ‘Boontje komt om zijn loontje’ en ‘Oost west, thuis best.’

Gezegde

Een gezegde is ook onveranderlijk. Het is een vaste uitdrukking waarin de woorden een figuurlijke betekenis hebben. Een gezegde bevat geen werkwoord en vormt geen echte zin. Voorbeelden: met hart en ziel, een open deur, een vrolijke frans.

Zegswijze

Zegswijzen kunnen wel een zin zijn (in tegenstelling tot gezegden). Bovendien kun je het onderwerp en de werkwoordstijd aanpassen (in tegenstelling tot spreekwoorden). Een zegswijze is bijvoorbeeld ‘Het loopt de spuigaten uit’, of in ‘aangepaste’ vorm: ‘Het lawaai liep de spuigaten uit.’

Uitdrukking

De term uitdrukking is het algemeenst. Het is een overkoepelend begrip voor alle vaste verbindingen met een figuurlijke betekenis. Op deze website gebruiken we meestal de termen spreekwoord en uitdrukking.