Wat betekent de handdoek in de ring gooien en waar komt deze uitdrukking vandaan?

De handdoek in de ring gooien (of werpen) betekent ‘het opgeven’.

Deze uitdrukking komt uit de bokssport. Met de ring wordt de boksring bedoeld, het ‘podium’ waarop boksers met elkaar vechten. Een bokswedstrijd duurt een aantal ronden. Na elke ronde mogen de boksers even uitrusten. Dan worden ze zo nodig verzorgd door hun trainer, die ook het zweet van hun hoofd veegt met een spons en een handdoek. Als de trainer terwijl er een ronde bezig is ziet dat ‘zijn’ bokser niet meer kan, en bij verder boksen zwaargewond zou kunnen raken, gooit hij de handdoek (of de spons) in de ring. Zo geeft hij aan dat zijn bokser het opgeeft. De wedstrijd is dan meteen voorbij en de tegenstander heeft gewonnen. De handdoek in de ring gooien is figuurlijk in gebruik gekomen in de betekenis ‘het zélf opgeven’, ‘zélf aangeven dat je iets niet meer wilt of volhoudt’.

De handdoek in de ring gooien/werpen is een jonge uitdrukking. Van Dale neemt haar voor het eerst op in zijn tiende druk (1976). In het historische Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT) komt ze nog niet voor. Bij ring staat wel onder meer: “De afgeperkte (oorspronkelijke ronde) ruimte waarbinnen een tweekamp plaats vindt, kampplaats, strijdperk, krijt. Reeds in het Middelnederlands.” Als aanduiding voor het podium waarop boksers strijden, is ring heel gebruikelijk, ook al is een boksring vierkant.

Tegenwoordig wordt ook wel een verkorte vorm van de handdoek in de ring gooien gebruikt: de handdoek gooien. Dat komt wellicht door de invloed van het Engels (throw in the towel).