Waar komt de zegswijze ergens geen been in zien vandaan?
 

Ergens geen been in zien betekent 'geen bezwaar maken', 'geen probleem zien', 'er niet voor terugschrikken'. Wie dus zegt: 'Ik zie er geen been in nog een uur door te fietsen', bedoelt dat hij er niet voor terugschrikt nog een uur te fietsen – het is dus iets wat hij wél ziet zitten. Maar pas op met deze uitdrukking: sommige mensen vatten ergens geen been in zien juist negatief op. Voor hen betekent 'Ik zie er geen been in nog een uur door te fietsen' iets als 'ik zie er niets in om nog een uur te fietsen' – het is dus iets wat níét wenselijk wordt gevonden. Vermoedelijk ligt de associatie met ergens geen heil in zien ('ergens geen nut of voordeel in zien') aan deze verwarring ten grondslag.

Volgens het Groot Uitdrukkingenwoordenboek van Van Dale (2006) gaat de uitdrukking ergens geen been in zien terug op de praktijk van het eten van een stuk vlees: hoe minder bot (been) daarin zit, hoe makkelijker het te eten is. Ook F.A. Stoett geeft deze herkomst. De betekenis 'iets zonder 'hindernissen' naar binnen kunnen werken' werd later figuurlijk gebruikt in de algemene betekenis 'geen hindernis zien om iets te doen'.

In de oudste versie van de uitdrukking werd niet het werkwoord zien maar vinden gebruikt. Volgens het Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT) is ergens geen been in vinden voor het eerst "zuiver figuurlijk" op schrift aangetroffen in een brief uit 1631 van P.C. Hooft.

In België spreekt men van ergens geen graten in vinden ('ergens geen probleem in zien'). Ook de afwezigheid van graten vergemakkelijkt het eten.