Waar komt het spreekwoord 'Er is geen koe zo bont of er zit wel een vlekje aan' vandaan en wat betekent het?

Dit spreekwoord betekent: 'een gerucht of een roddel heeft altijd wel een kern van waarheid'. Misschien is het gerucht of de roddel wat overdreven, maar van elk praatje is wel íéts waar. Dit spreekwoord heeft dus dezelfde betekenis als 'Waar rook is, is vuur': een praatje komt niet zómaar de wereld in. Het wordt overigens ook wel gebruikt in de betekenis 'niemand is volmaakt'. Mogelijk is een ander spreekwoord hierop van invloed: 'Er is geen koe zo zwart of er is wel een vlekje aan.' Dat wil zeggen: ook een effen zwarte koe heeft altijd ergens wel een wit vlekje; de figuurlijke betekenis is: 'niemand is volmaakt'. 

'Er is geen koe zo bont of er zit wel een vlekje aan' is eigenlijk een grapje: een bonte koe is immers nu juist een en al vlekken. Van een bonte koe zeggen dat die vast wel een vlekje zal hebben, is een understatement, een droog-komische opmerking.

F.A. Stoett vermeldt onder meer de varianten 'Men noemt geen koe blaar of ze heeft een wit hoofd' en 'Men noemt geen koe blaar, of ze heeft iets bonts.' Blaar was een benaming voor een (zwarte, rode, grijze of bonte) koe met een witte kop of witte plekken op haar kop. In deze varianten zit hetzelfde droge grapje verborgen: een koe die blaar genoemd werd, werd nu juist zo genoemd omdát ze zo'n opvallende witte of bonte kop had.