Waar komt het spreekwoord 'Een schip op het strand is een baken op zee' vandaan?

 

Met 'Een schip op het strand is een baken op zee' wordt bedoeld: je kunt leren van het ongeluk dat anderen is overkomen. Als je namelijk inziet waarom het misging bij die ander, overkomt jou niet hetzelfde. Met een schip op het strand wordt in dit spreekwoord een gestrand schip bedoeld - een 'verongelukt' schip dus. Een baken is een wegwijzer voor de scheepvaart: een paal of drijvende ton die aangeeft waar het vaarwater het best is.

Het spreekwoord is voortgekomen uit de gedachte dat een schipper die een gestrand schip ziet, extra goed moet opletten. Misschien is de kust op die plek immers gevaarlijk - dat andere schip is niet voor niets juist dáár vastgelopen. Zo doet het gestrande schip dienst als een waarschuwingssignaal voor schepen op zee.

Het spreekwoord is al oud. Het is in verschillende varianten bekend: 'Een schip op (het) strand, een baken in/op zee', 'Een wrak op (het) strand, een baken in/op zee'. Jacob Cats schreef in 1632 al: “Een schip, op 't droogh gezeylt, dat is een zeker baken.” Wigardus à Winschooten vermeldt in zijn boek Seeman (1681): “baak, of baaken (want beide is in gebruik) is een teeken, dat de droogtens, en plaaten, [voor] de Schippers aanwijst: hierom is het seggen der Seeluiden, [= hierom is een zegswijze bij de zeelieden:] 'een wrak is een baak in See', dat is, een Schip, dat vergaan is, vermaand de Schippers, dat sij haar naarstelijk moeten wagten [= heel goed moeten uitkijken, op hun hoede moeten zijn] voor diergelijk ongeval.”