Waar komt de uitdrukking door de wol geverfd zijn vandaan en wat wordt ermee bedoeld?

Door de wol geverfd zijn betekent meestal ‘zeer ervaren zijn, iets heel goed kunnen’. Een door de wol geverfde vakman is dus een vakman met veel ervaring. Deze uitdrukking wordt echter ook gebruikt in de betekenis ‘brutaal, onbeschaamd zijn’ en zelfs ‘geraffineerd, doortrapt zijn’. In een door de wol geverfde lastpak en een door de wol geverfde huurmoordenaar is door de wol geverfd dus niet positief gebruikt. 

Deze uitdrukking gaat terug op een bepaalde manier om wol te verven: de kleur in de wol te verven. Daarmee wordt bedoeld dat de wol geverfd wordt zoals die van het schaap komt, dus in onbewerkte toestand. De kleur houdt beter als de wol eerst wordt geverfd voordat die wordt verwerkt tot garen of een kledingstuk. Het Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT) vermeldt dat in de wol verven de meeste verf kostte en daardoor het duurst was. In de wol geverfde stoffen waren dan ook waardevoller dan op andere manieren geverfde stoffen. De uitdrukking in de wol geverfd zijn zinspeelde er dus op dat je van iets doortrokken bent (veel van iets afweet) zoals de wol doortrokken raakt van de verf als die meteen een verfbad krijgt.

De uitdrukking in de wol geverfd zijn komt sinds de zestiende eeuw voor. Sinds de achttiende eeuw wordt ook de variant met door gebruikt: door de wol geverfd zijn. Dit is nu de normale vorm. Misschien is het een samensmelting van in de wol geverfd zijn en doortrokken zijn van iets.

Van Dale (2015) vermeldt in de wol geverfd zijn overigens nog steeds, maar dan met de betekenis ‘er warmpjes bij zitten, rijk zijn’.