Wat betekent dat zit wel snor en waar komt deze uitdrukking vandaan?

Dat zit wel snor is vaak een geruststellend antwoord op een vraag of alles goed zal gaan: ‘dat komt goed’, ‘dat lukt zeker’. Het kan ook betekenen ‘het is goed, het is in orde’, bijvoorbeeld: ‘Ben ik je nog benzinegeld schuldig?’ – ‘Welnee, dat zit wel snor.’

Het is helaas niet duidelijk waar deze uitdrukking vandaan komt. In de oudere naslagwerken komt snor zitten niet voor. Van Dale vermeldt dat zit (wel) snor voor het eerst in de achtste druk (1961) en noemt het “scholierentaal en volkstaal”. De oudste vermelding van dat zit wel snor in kranten dateert van 1948. Het is vermoedelijk oorspronkelijk soldatentaal, vermeldt het Etymologisch Woordenboek van het Nederlands. In het Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT) komt al wel het zit goed als vaste verbinding voor. Wellicht is het bestaan hiervan van invloed geweest op het ontstaan van snor zitten.

Het ligt voor de hand dat met snor de beharing boven de bovenlip is bedoeld. Moeten we misschien denken aan militairen (die vaker een snor zouden hebben dan anderen), die opdrachten goed konden uitvoeren? Of ging het juist om hun leidinggevenden (die ook vaak een snor zouden dragen), die opvallend betrouwbaar waren? Helaas, het blijft gissen.

Er wordt ook weleens gezegd dat de snor in deze uitdrukking het vogeltje de snor is. Om het nest te beschermen maakt dit beestje namelijk een snorrend geluid. Maar hoe snor zitten vervolgens de betekenis ‘in orde zijn, goed zitten’ zou hebben gekregen, blijft onduidelijk.

Je snor drukken

Snor komt ook voor in je snor drukken (‘ervandoor gaan’ en ‘ergens onderuit proberen te komen’). De snor is een opvallend deel van het gezicht en daarmee van een persoon. Daardoor kwam snor in gebruik als een soort synoniem van persoon. Zo kon ‘Hij drukte zijn snor’ de betekenis krijgen: ‘hij maakte zichzelf onzichtbaar door weg te gaan’ of ‘hij probeerde eronderuit te komen’. Varianten zijn je ponum drukken en je snavel drukken. Zich drukken betekent ‘zich aan iets onttrekken’.