Waar komt boter op je hoofd hebben vandaan?

Wie boter op zijn hoofd heeft, kan dan misschien wel aanmerkingen hebben op anderen, maar is zelf ook bepaald niet onschuldig: er valt hem- of haarzelf ook wel het een en ander te verwijten.

Boter op je hoofd hebben is waarschijnlijk ontstaan uit het spreekwoord 'Wie boter op zijn hoofd heeft, moet niet in de zon lopen' ('wie geen zuiver geweten heeft, moet ervoor zorgen dat hij niet aan kritiek wordt blootgesteld'). Volgens het Groot Uitdrukkingenwoordenboek van Van Dale (2006) kan ook 'Wie een hoofd heeft van boter, moet geen bakker worden' de oorspronkelijke uitdrukking zijn geweest. F.A. Stoett haalt een versje van Jacob Cats uit 1635 aan:

Wiens hoofd van boter is, die moet gedurig schromen;

Die moet niet aen het vyer [vuur], of voor den oven komen.

Helaas is onbekend waarom er nu precies sprake is van boter op het hoofd. Sommige spreekwoordenboeken verwijzen naar de vroegere gewoonte om manden met levensmiddelen, en dus ook met boter, op het hoofd te dragen. Het is echter ook mogelijk dat boter in de uitdrukking boter op je hoofd hebben is terechtgekomen omdat het nu eenmaal een heel oud en gewoon product is waarvan bekend is dat het snel smelt in de hitte.