Print deze pagina

Appel / appèl

Wat is juist: appel of appèl in bijvoorbeeld een appel/appèl op iemand doen en op het appel/appèl komen

Het is allebei juist: zowel appel als appèl komt vaak voor; dat is al heel lang het geval. Appel/appèl betekent 'hoger beroep', 'oproep tot verzameling' en 'dringend verzoek'. Volgens het officiële Groene Boekje is alleen appel juist, zonder accent grave. (Wie de laatste lettergreep wil benadrukken, kan volgens de officiële spelling wel appél schrijven, met accent aigu.) In het Witte Boekje (2011), onze eigen uitgave, worden appel en appèl allebei gegeven.

De woordenlijsten en -boeken van het Nederlands hebben al een lange knipperlichtrelatie achter de rug met het accent grave in appèl. In de eerste officiële woordenlijst van het Nederlands (Woordenlijst voor de spelling der Nederlandsche Taal van De Vries en Te Winkel, 1863) staat appèl. Van Dale neemt van zijn eerste (1864) tot en met zijn achtste druk (1961) ook appèl op. Daarna wordt het appel, onder invloed van het Groene Boekje van 1954, dat het accent grave schrapt. In het Groene Boekje van 1995 wordt het toch weer appèl, en in de uitgave van 2005 zoals gezegd appel. Het accent in appèl is voor veel mensen echter onlosmakelijk verbonden met het woord; het fungeert als een uitspraakteken, net als in en blèren.

Ook bij rappel/rappèl ('terugroeping, waarschuwing') biedt het Witte Boekje een keuzemogelijkheid. Het Groene Boekje geeft alleen rappel, maar ook rappél zou mogen.

Stele/stèle ('(Oud-Griekse) grafzuil of plaat met inscriptie') is volgens het Witte én Groene Boekje zowel met als zonder uitspraakteken juist. In arènpalm ('suikerpalm') geeft het Witte Boekje ook een uitspraakteken; volgens Van Dale (2005) is alleen arenpalm juist.

Trefwoorden

laatste wijziging: 11-09-2014
terug
aprilnummer

taalboekenwinkel