Leerlingen die het Nederlands als moedertaal hebben en uit een welvarend milieu komen, lijken vaker een dyslexieverklaring te hebben dan leerlingen die een andere moedertaal hebben en uit een minder welvarend milieu komen. Dat blijkt uit onderzoek van het Katholiek Pedagogisch Centrum, in opdracht van de minister en staatssecretaris van Onderwijs Jet Bussemaker en Sander Dekker. Uit eerder onderzoek (van de gemeente Amsterdam) bleek ook al dat er meer dyslexieverklaringen voorkomen op scholen met kinderen uit welvarende milieus.

Wat de precieze oorzaak hiervan is, durven de onderzoekers op dit moment nog niet te zeggen, onder meer omdat het om een “beperkte” studie gaat. Het zou bijvoorbeeld kunnen dat er op scholen met veel kinderen met een migratieachtergrond meer aandacht is voor taalonderwijs, waardoor dyslexie minder voorkomt, of dat dyslexie bij deze kinderen door een taalachterstand juist niet wordt opgemerkt. Het is ook mogelijk dat ouders uit een welvarend milieu eerder stappen ondernemen als hun kinderen een taalprobleem hebben, wat vaker leidt tot de diagnose dyslexie. Bussemaker en Dekker kijken uit naar de resultaten van het vervolgonderzoek van de gemeente Amsterdam. Volgens hen is het onacceptabel dat de sociale achtergrond van invloed is op de toegang tot diagnostiek en behandeling van dyslexie. (NOS, Trouw)


Lees ook het artikel ‘“Dyslexie - bestaat dat eigenlijk wel?” Professor Anna Bosmans eigenzinnige opvattingen over lees- en spellingproblemen’, in het juninummer Onze Taal (voor leden).

 

Vorige Volgende