Net als ieder ander jaar hebben enkele taalexperts gereageerd op de tekst van de Troonrede. De NOS sprak met Rob Doeve, directeur van Taalcentrum-VU, die redelijk positief is. De tekst was een flink stuk korter dan vorig jaar (zo’n 500 woorden), en ook de zinnen waren gemiddeld korter (16,2 woorden versus 17,6 woorden in 2016). De structuur had volgens hem echter beter gekund, met minder herhaling en minder nietszeggende zinnen. “Het is natuurlijk een mal tekstgenre, maar in het genre is deze tekst best wel acceptabel”, concludeert Doeve.

Minder positief is speechexpert Lars Duursma, die op de site van NRC stelt dat de Troonrede dit jaar wel erg inspiratieloos was, en taalkundig ook geen hoogstandje. Het was geen verrassing dat er weinig nieuwe plannen in zouden zitten, maar de tekst deed wel erg sterk denken aan de Troonrede van vorig jaar, aldus Duursma. Ondanks de gemiddeld korte zinnen, schortte er taalkundig ook het een en ander aan, zo stelt hij: geen rode draad, geen soepele bruggetjes, en een aantal behoorlijk stroeve zinnen. “Bewonderingswaardig hoe onze koning zich door deze tekst heen sloeg.”

Bekijk en lees de hele Troonrede op de website van de Rijksoverheid

Vorige Volgende