Een Nederlander, een Belg en drie andere onderzoekers hebben gister de Ig Nobelprijs voor psychologie gekregen voor een onderzoek naar een taal-gerelateerd onderwep.

Ze vroegen duizend leugenaars in de leeftijd van 6 tot 77 jaar hoe vaak zij logen. Daarna moesten de teamleden kiezen of zij het antwoord van de leugenaars geloofden of niet. Wat blijkt: jongvolwassenen kunnen het best liegen. Kinderen leren gaandeweg steeds beter te liegen en pieken daarmee als ze volwassen zijn. Daarna neemt die vaardigheid af, schreven de onderzoekers in 2015 in het wetenschappelijke vakblad Acta Psychologica.

De Ig Nobelprijzen worden elk jaar uitgereikt aan ‘de meest nutteloze onderzoeken van het jaar’. Hoewel die onderzoeken misschien nutteloos lijken, zijn ze dat in feite niet: ze maken je eerst aan het lachen en zetten je daarna aan het denken. Vorig jaar won taalkundige Mark Dingemanse een Ig Nobelprijs voor zijn huh-onderzoek. (Scientias)

Vorige Volgende