Praten tegen huisdier?

Praat u tegen uw huisdier? Laat het hieronder weten. En zou u ook uw keuze willen toelichten? Waarom praat u niet of juist wel tegen uw huisdier? En tegen welk soort dier wel of juist niet? En wat zegt u dan zoal? Prijst u alleen het voer aan dat u klaarzet of stort u ook weleens uw hart uit? Of communiceert u misschien weleens via uw huisdier met uw menselijke huisgenoten? (“Heeft het andere baasje nu weer niet opgeruimd?”) We horen het graag!

Deze poll is gesloten. De uitslag was als volgt:

wel met mijn huisdier(916 stemmen, 95%)

niet met mijn huisdier(8 stemmen, 1%)

niet van toepassing, want ik heb geen huisdier(43 stemmen, 4%)

Velden met een * zijn verplicht.

Reacties Er zijn 80 reacties

Rudy Schreijnders

Uiteraard gebruik ik bij mijn conversatie met mijn kat: Wat en hoe in het Kats van Rudy Kousbroek en Sarah Hart. Een onmisbaar boekje om je kat te begrijpen en de kat mij te laten begrijpen. Koopt het allen en begin het gesprek met je eigen kat!

S.K. Sailing

Jaja: ik praat altijd met mijn kat; niet alleen praat ik met hem - ik spréék ook met hem over de meest uiteenlopende onderwerpen. Met mensen praat/spreek ik nooit; dat is zinloos gebleken; robots vind ik ook nogal oninteressant om vertrouwelijkheden mee uit te wisselen - en meer is er niet. Sinds ik aan de gedachtenwisseling met mijn kat (die niet mis is qua intelligentie) de voorkeur heb gegeven, ben ik een ander mens geworden, veel vrijer in mijn uitingen en zit ik beter in mijn beharing - hij trouwens ook - daarbij maakt het hem/mij niets meer uit in welke taal dat gebeurt; bijvoorkeur niet in het Nederlands; immers is dat de meest gedegenereerde taal die ik ken - vindt hij trouwens ook - en is de nu tussen ons gebezigde taal volledig kosmisch, en, zo boven alle andere talen verheven.

Werkelijk, ik kan hier beschreven vorm van communiceren ieder lezertje aanbevelen,
zo allemachtig garen spinnend!

Voor de zuiverheid van handelen, wil ik hierbij bekend maken, dat, hoewel ik ook geen robot ben - ik beslist niets menselijks heb; ik ben namelijk hier besproken kat.

Eveline

Ik praat regelmatig tegen mijn beide katten. Ik vertel ze dat ik blij met ze ben als we gezellig met z’n drietjes op de bank zitten, maar ik steek ook weleens hele tirades tegen ze af, bijvoorbeeld als ze weer eens een hele boekenplank hebben leeggehaald of ander kattenkwaad hebben uitgehaald. Of ik bespreek met ze wat me die dag mee of tegen heeft gezeten. Natuurlijk gaan veel gesprekjes ook gewoon over het eten en wie er zin heeft in brokjes.

Gerry Herbst-Verkerk

Mijn hond Charlie bedank ik regelmatig.
Voor zijn geduld, als ik de wekker niet heb gezet en lang uitslaap. “Fijn dat ik moe heb mogen zijn!”
Voor zijn waakzaamheid. Als hij stevig blaft als er wordt aangebeld. “Dank je wel dat je me waarschuwt.”
Hen prijzen doe ik ook. “Zie je wel, je kan het wel.” Dan heeft hij een soortgenoot die te dichtbij komt of te lang aanhoudt afgekat. Nou ja, af-gegromd. Heel lang ging hij die situaties uit de weg, liep weg, sloot zich af. Hij leert dus zijn grenzen aangeven. En dat zonder de ander aan te vallen. Super-trots ben ik dan…...
Charlie ‘praat’ ook met mij. ‘s Middags om drie uur. Dan staat hij in de deuropening van mijn kantoor. “Tijd voor een wandeling, baas!” Diezelfde boodschap krijg ik ook rond tien uur ‘s avonds: hij komt mij ophalen, waar ik dan ook ben in huis en waar ik dank mee bezig ben.

 

Suzan

Geïnspireerd door voorleessessies in asiels (door kinderen) lees ik m’n katten af en toe voor, uit het verzameld werk van Toon Tellegen. Aan hun reacties te zien ga ik er van uit dat ze dat wel appreciëren.

En natuurlijk praat ik ook met ze. Soms vertel ik ze over wat ik die dag heb gedaan buiten de deur en soms zeg ik alleen maar duizend keer hoeveel ik van ze houd.

Saskia de Bruijn

Natuurlijk, als mijn katten iets vragen is het wel zo beleefd om antwoord te geven. En als ik iets vraag, krijg ik op mijn beurt ook keurig antwoord.

Josje van der Straten

Oja, ik klets wat af en Mini (poesje) geeft antwoord. Ik praat over alles wat ik tegen kom en eigenlijk praat ik met alsof ze een mens is. Grappig is als ik iets zeg, wat haar betreft en zij dat niet of wel beaamd, komt ook deze toon dus u u voor nee en aaaa lang getrokken voor positive bevestiging. Heel leuk ook ‘knort’ ze wel eens als ze met rust gelaten wil worden en ik haar beslist eventje móet aaien.

Otto

Ik praat tegen mijn kat. Het beestje is 19 jaar en 6 maanden oud, en is stokdoof. Als mensen mij tegen het diertje zien praten en hun verbazing uiten zeg ik: “Hij kan liplezen.” En ik zie ook echt aan hem dat hij uit de bewegingen die ik met mijn hoofd naar hem maak, begrijpt dat ik met hem communiceer. Hij praat niet terug, maar ondanks zijn doofheid laat hij zijn stem luid horen als hij iets wil. (Eten, of schootzitten.)
Vroeger thuis had mijn oudste zus, Vera, een speciale manier van praten tegen de kat(ten) ontwikkeld, men noemt dat ook wel een “Oetsi-Koetsietaal”. Er weren veel woorden in verhaspeld, er werd achter veel woorden een ‘o” gezet, en er werden veel woorden verdubbeld. Mijn vader werd aldus “baas-baso”. En ‘s ochtends, voor ze naar school ging, zei ze teen haar lievelingskat: “Veja gaat naar de solo”. Ik gebruik nog wel eens, als ik alleen met hem ben, restanten van deze “poezentaal.”

Ine Nijland

Natuurlijk praat ik met mijn dieren (honden, poezen, paarden, kippen). Zowel verbaal als non-verbaal (lichaamstaal). Ze kunnen daaruit horen/aflezen of ik serieus ben met het geven van een commando, of ik ze plaag, geruststel of vrolijk, verdrietig of onzeker ben. Zelf lees ik ook de lichaamstaal van de dieren, hoor aan hun geluid of er iets aan de hand is (en welke emotie ze daarbij uitdrukken). Dan is er ook nog intuïtieve communicatie met dieren mogelijk (waar zijn verloren dieren, hoe voelt je oude hond zich, etc). Meer info daarover bij Martha Williams (USA) of Gerrie Huijts (NL).

Corrie Leefkens

Ik heb geen huisdier, maar af en toe praat ik wel tegen een dier. Bijvoorbeeld: ik wil graag een vogeltje bestuderen. Het blijft niet zitten en dan zeg ik dat hij dat wel moet doen. Waarom vlieg je nou weg? Ook wel eens negatief: sommige honden (meer nog hun baas) kinnen vervelend in de weg lopen. Ik scheld dan op het beest, niet op de baas. Ik doe dat vooral zachtjes om geen ruzie met de baas te krijgen.