Praten tegen huisdier?

Praat u tegen uw huisdier? Laat het hieronder weten. En zou u ook uw keuze willen toelichten? Waarom praat u niet of juist wel tegen uw huisdier? En tegen welk soort dier wel of juist niet? En wat zegt u dan zoal? Prijst u alleen het voer aan dat u klaarzet of stort u ook weleens uw hart uit? Of communiceert u misschien weleens via uw huisdier met uw menselijke huisgenoten? (“Heeft het andere baasje nu weer niet opgeruimd?”) We horen het graag!

Deze poll is gesloten. De uitslag was als volgt:

wel met mijn huisdier(916 stemmen, 95%)

niet met mijn huisdier(8 stemmen, 1%)

niet van toepassing, want ik heb geen huisdier(43 stemmen, 4%)

Wilt u een reactie plaatsen? Accepteer dan eerst onze cookies.

Reacties Er zijn 80 reacties

Patrick Deloof

Zowel tegen de hond als tegen de kat, ik heb de indruk dat ze er rustig van worden.
De hond voert dan beter commando’s uit, daar zijn aandacht beter op mij gefocust is, de kat is gewoon liever en aanhaliger.
Niet praten tegen hen voor langere tijd ervaart de hond als een time out, straf dus.
De kater trekt zich daar geen barst van aan, haha

Sylvia

Tegenover onze poes noem ik mezelf ‘mama’ en ik praat in de derde persoon tegen haar. Dat kunnen aanwijzingen of bestraffingen zijn, maar ook vragen over hoe haar dag was. Ook al komt er geen antwoord, ik voel me er fijn bij als ik interesse in haar toon.

max

Ik praat met mijn kat over mijn gevoelens

Simon

Ik praat tegen mijn hond en mijn katten, meer over “hoe voelen we ons vandaag”. Het weer, de dagelijkse dingen.Geen diepgaande gesprekken. Ik groet mijn vijvervissen als ik ze voer; verder ieder dier dat ik tegenkom, varieert van vogels tot weidedieren e.a. Tegen insecten als ik ze in huis heb gevangen en weer buiten hun vrijheid terug geef. Eigenlijk groet ik ieder dier.

Puck

Ik heb twee katten waar ik constant tegen praat, en dan vooral wanneer ik alleen thuis ben. De ene miauwt soms dan ook nog terug (de ander is niet zo spraakzaam). Het zijn vaak onzindingen, en vaak ook in de derde persoon. Zoals een eerdere reactie al zei, het zijn vaak dingen die ik doe of ga doen (“Even lekker kroelen met Otje”), of ik vraag iets aan de kat (“Wil Gijsje brokjes?”). Ik zeg ook vaak “Mooie poes/kat!”, gewoon om even wat tegen ze te kunnen zeggen. Ze reageren er meestal wel op.
Ik praat ook altijd tegen katten die ik op straat tegen kom (en hoop dan dat ze naar me toekomen). Honden niet. Ik vind dat men altijd toestemming moet vragen aan een baasje voor men de hond aait of iets dergelijks (aangezien sommige honden territoriaal zijn of in training voor blindengeleidehond), dus dan ga ik er niet tegen lopen praten. Natuurlijk praat ik wel tegen honden van vrienden, maar niet zo uitgebreid als katten.

Stefanie

Ik praat Limburgs tegen mijn konijn, want dat is de taal die bij ons thuis gesproken wordt en die het dichtst bij me staat. Ik praat tegen hem om te beschrijven wat er gaat gebeuren (ik ga even je brokjes pakken, de baas gaat nu even weg) of om te beschrijven wat er gebeurt (lekker brokjes eten, lekker knuffelen), ik zeg hem ‘s ochtends gedag als ik opsta, ik zeg hem gedag als ik wegga, en ik praat wel eens tegen hem als ik me verdrietig voel, dan vertel ik hoe ik me voel. Het geeft me een veilig gevoel en fijn gevoel om het dier als een volwaardig gezinslid te behandelen en ik hoop dat hij zich daardoor ook meer op zijn gemak voelt. Op bepaalde uitingen reageert hij ook consequent. Konijnen kunnen veel meer leren dan veel mensen denken.

Harry Keiman

Prachtig boek van
Robert Merle - Day of the dolphin, jaren 70,
ook in Nederlands vertaald. Gebaseerd op veel biologisch (spraak)onderzoek met dolfijnen.

Caroline de Win

Ik praat met mijn kat een beetje alsof ze een klein kindje is. Het is een heel gezeglijk poesje, zijn de dierenarts en ik het eens. Dus ik gebruik veel lieve woorden en die hebben een uitwerking op de sfeer in huis en hoe ik me voel. Daarom heet ze ook Minne. Ze praat ook terug, ik ontdekte haar toon door haar lichaamstaal, en ik spreek het - soms - hardop uit, zoals de figuur Cristof in de film Frozen dat doet met zijn eland, als u dat wat zegt. Haar taal is minder lievig, ze is geen doetje, en ze houdt me ook voor de gek, wat prima is. Het klinkt waarschijnlijk alsof ik totaal niet normaal ben maar dat is niet erg want niemand heeft er last van.

roel de waard

Twee jaar geleden moest ik mijn paard wegens hoge leeftijd (32 jaar) laten inslapen.
Met haar had ik hele gesprekken tijdens het borstelen, hoefkrabben, opzadelen.
Als ik de stal binnenliep en buiten bij de deur haar naam riep reageerde ze met luid gehinnik.  Zelf had ik het gevoel dat ze mijn eenzijdige geneuzel wel op prijs stelde.
Maar ik heb het haar nooit kunnen vragen…...........

Wendy Dortland

Ik heb een paard. Weliswaar niet ín huis, maar gedomesticeerde paarden vallen toch onder de huisdieren. Ik praat best veel met mijn paard. Zowel wanneer ik naast hem sta, bijvoorbeeld bij het poetsen, als wanneer ik hem rijd. Die praatjes zijn wel anders van aard: ernaast staand is het meer een lief causerietje. Rijdend zijn het zogenaamde stemhulpen, zoals ‘goed zo’, ‘braaf’, ‘kom maar’ of ‘neee’, ‘uh, uh’. Aan hun reacties te merken hebben paarden drommels goed in de gaten of ze belonend, bemoedigend of juist corrigerend toegesproken worden.

Door deze website te gebruiken accepteert u de cookies zoals beschreven in het cookiebeleid.

OK