‘Je kan’ of ‘je kunt’?

Welk werkwoord zou u invullen in een zinnetje als ‘Je ….. altijd bij mij terecht’? Zou u kiezen voor je kan of voor je kunt?

Er is geen goed of fout antwoord, want volgens de taalboeken mag het allebei (ook volgens de taaladviseurs van Onze Taal). We zijn dus echt op zoek naar uw eigen intuïtie.

Deze poll is gesloten. De uitslag was als volgt:

je kan(319 stemmen, 18%)

je kunt(1502 stemmen, 83%)

Velden met een * zijn verplicht.

Reacties Er zijn 61 reacties

Huib Boogert

Je kunt is de meest oorspronkelijke vorm, namelijk een tweede persoon enkelvoud. Je kan was van oudsher een derde persoon (Uwe Edelheid kan) , die later op de tweede persoon is overgegaan. Mijnvoorkeur gaat daarom uit naar Je kunt.

S. Metsu

Ik vind “je kan” logischer, omdat het is “hij kan” (en niet “hij kunt”).  Voor “je” in de betekenis van “men” geldt wat mij betreft hetzelfde: men (je) zegt niet: “men kunt”, maar “men kan”.

Paul Tijink

Het nadeel van ‘je kan’ is, dat het vaker dubbelzinnigheid oplevert, omdat ‘je’ ook al zoveel functies heeft. Bijvoorbeeld: ‘ik weet niet, wie je kan zien’. Is ‘je’ nu het onderwerp of het lijdend voorwerp. ‘Ik weet niet, wie je kunt zien’ is ondubbelzinnig. Dus graag blijven gebruiken!

Jenny Gans

Jammer dat men beide vormen (je kan en je kunt) al officieel goedkeurt. Dat is meestal het begin van het einde.
Voor mij klinkt ‘je kan’ als een verminking van de Nederlandse taal.
Zoals ik in een van de reacties las zou het een versimpeling van de taal zijn, ‘lekker makkelijk’ maar als men zo doorredeneert wordt voor we het in de gaten hebben ‘hun hebben’ ook goedgekeurd.

Jan van den Heijkant

Voor mijn gevoel (afkomstig uit Noord-Brabant) is “je kunt” meer nederlands en “je kan” meer vlaams.

cocvan

Ik kan, jij kunt, hij kan, wij kunnen etc.
cxx

Marco Borst

In de spreektaal zou ik hier ’ je kan ’ gebruiken, maar meer uit gewoonte dan dat ik de andere optie fout of minder mooi zou vinden. In de schrijftaal zou ik toch voor ’ je kunt ’ kiezen, denk ik.
Een ander voorbeeld: ik ga regelmatig bij de goedkope, onbemensde pomp in Stekene (B, O-VL) tanken, en ben dan steeds weer verbaasd over de opmerking: ’ U kan nu tanken aan pomp xx ’ . Mijn eerste gevoelsmatige reactie is: ik kan er dus ook voor kiezen om niet te tanken en gewoon weer weg te rijden. Het lijkt dus of ik een keuze heb om al of niet van de mogelijkheid mijn tank te vullen, gebruik te maken. In dit geval komt mij het woord ’ kunt ’ , wat ik altijd bij de Nederlandse onbemensde pompen tegenkom, logischer. Hier ben ik geneigd te begrijpen: het systeem heeft de pomp voor u geactiveerd en u kunt nu echt de tank vullen. Hier voelt ’ u kunt ’ als een mogelijkheid aan en minder als een keuze.

Wim Timmer

Voor mijn taalgevoel is er een betekenisverschil. ‘Je kunt’ wil zeggen: je bent in staat, hebt de capaciteit, bijvoorbeeld: je kunt Engels spreken (hebt die vaardigheid verworven. ‘Je kan’ betekent: je hebt de mogelijkheid, bijvoorbeeld: je kan je in Griekenland met Engels verstaanbaar maken.

joost vanhecke

ben 75 - opgegroeid in W-Vl - het eerste gebruik van ‘je, jullie’ in mijn oor (woon al 43 j in Kalmthout maar Frans is huistaaal sinds huwelijk) kwam van mijn dochter, 12 j, vanuit haar school in Essen. Ik zeg ‘ge kunt en je kan’ en schrijf ‘ge kunt en je kan’. In de lagere school bestond de ‘je’ niet en in het middelbaar…? misschien bij M. Cafmeyer in het uurtje dictie… in de 3e?

Lisette

Misschien is het mijn relatief jonge leeftijd, maar ik zeg meestal ‘je kan’. Volgens mij is de ‘juiste’ versie je kunt. Het probleem dat ik daarmee heb is dat het woord kunt (NL) erg lijkt op het Engelse schuttingwoord cunt (EN). Ik spreek in mijn zakelijk leven vaak Engels, waardoor ik kunt en cunt erg dicht bij elkaar zijn komen te staan. Ik heb het gevoel dat we kunt kwijt gaan raken. Ik kan, jij kan, hij kan. Gewoon zo simpel. En waarom ook niet? Lekker makkelijk.