Het verschil tussen ‘hen’ en ‘hun’ afschaffen?

Wat is het ook alweer? ‘Dat zal hun bezuren’, of ‘hen bezuren’? (Hun!) En irriteert het lawaai ‘hen’ of ‘hun’? (Hen!)

Het onderscheid tussen hen en hun is van oorsprong kunstmatig, en zelfs de meest taalgevoelige mensen hebben vaak moeite de goede vorm te kiezen in dit soort gevallen.

Bij andere vormen, zoals mij, jou, haar en ons. bestaat er maar één vorm: het zal ‘mij’ bezuren én het lawaai irriteert ‘mij’.

Wordt het, kortom, niet eens tijd het onderscheid tussen hun en hen af te schaffen? Bijvoorbeeld door in dit soort gevallen altijd te kiezen voor hen, en hun alleen te gebruiken als bezittelijk voornaamwoord: ‘Ik wens hen veel plezier met hun wereldreis.’

Deze poll is gesloten. De uitslag was als volgt:

Ja, schaf het onderscheid tussen ‘hen’ en ‘hun’ af!(839 stemmen, 50%)

Nee, houd het zoals het is.(847 stemmen, 50%)

Velden met een * zijn verplicht.

Reacties Er zijn 55 reacties

Lau Engels

Afschaffen van het onderscheid tussen hun en hen lijkt me een versimpeling en verarming van het Nederlands. Wat is de volgende stap? Het onderscheid opheffen tussen d, dt en t, ei en ij, het geslacht van woorden? (Ik zou eerder beginnen met afschaffen van de onzalige regels van de tussen-n.) Op weg naar een meer simpele grammatica, zoals het Engels? Het gaat telkens om gevoel voor taal. Mensen met een dialect als moedertaal hebben minder moeite om het onderscheid te maken. Het helpt je ook om andere talen, behalve het Engels dan, te leren die wel een rijkere en genuanceerdere grammatica hanteren. Aan statushouders die ik help met het zich verder verdiepen in de Nederlandse taal is het gramaticale verschil in het gebruik van hun en hen goed uit te leggen.

Willem Visser

En schaf dan gelijk het gedoe met D of DT af; je hoort immers het verschil niet als je het uitspreekt…

Menno Tjoelker

Voor wie het niet als kind geleerd heeft, is het onderscheid moeilijk, net zoals voor een Nederlander de verschillen tussen geslachten en naamvallen in het Duits nooit helemaal vanzelfsprekend zullen zijn - wat voor sommige oorspronkelijke inwoners echter ook geldt! Dat is geen reden om het verwaarlozen van wat door sommigen als moeilijk ervaren wordt maar tot norm te verheffen. Als je doorgaat op die weg houd je een primitief taaltje over dat zich alleen nog leent voor het uitdrukken van de meest basale dingen. Want waarom zou je ophouden met verschillen wegpoetsen die moeilijk gevonden worden door mensen die zichzelf een goede taalbeheersing toedichten (lezers van Onze Taal!)? ‘Ie begriep mie toch wah!’, zoals een leerling mij eens toevoegde toen ik kritiek leverde op een logisch en grammaticaal rammelend antwoord.

Emma V.

Overigens, jammer voor degenen die er kromme tenen van krijgen, maar ‘hun’ als onderwerp wordt steeds gangbaarder. Dat komt mij ook nogal logisch voor: ‘hij’, ‘zij’, ‘het’ voor de derde persoon enkelvoud en ‘hun’ en ‘zij’ voor de derde persoon meervoud, min of meer analoog aan andere talen zoals bijv. het Spaans dat met ‘ellos’ een meervoud van mannen of mensen m/v aanduidt, en met ‘ellas’ een meervoud van vrouwelijke personen.
De moeite die het de meeste mensen kost om ‘hen’ en ‘hun’ volgens de regels toe te passen in zinnen als ‘Ik geef hun hun schoenen terug.’ of ‘Ik geef aan hen hun schoenen terug.’, vind ik een betere zaak waardig. In gevallen dat ik het zelf zo gauw niet weet en met de inhoud bezig wil blijven, maak ik er maar gauw van ‘Ik geef ze hun schoenen terug’.
Ik heb een hekel aan vergezochte taalregels die je bij deze ‘hen’ en ‘hun’ tegenkomt en ook bij bijvoorbeeld het zogenaamd unieke van een zon of koningin, die daarom geen tussen-n zouden mogen krijgen. Daar kan geen goede grammatica-les tegenop.

Marcel

In tegenstelling tot vrijwel alle andere taalfouten leidt het gebruik van hun waar het hen had moeten zijn nooit tot verwarring. Zodoende lijkt mij dat hen wel afgeschaft kan worden.

Rudy

En de taal, ze verloederde voort…
Sinds wanneer moet gemakzucht beloond worden?

Jeroen Hamers

Volgens mij blijft er altijd een verschil in spelling bestaan, dus kan je moeilijk het verschil afschaffen.
Verder dacht ik eerst dat je er in het onderwijs niet teveel aandacht aan moet besteden, want er zijn nog genoeg andere dingen te leren, maar als het onderwerp wordt meegenomen als onderdeel van een les over bijvoorbeeld tolerantie versus de bereidheid je aan te willen passen aan sommige mensen die niet alle veranderingen kunnen bijbenen; of over een les over kansongelijlheid die kan ontstaan door drempels in de taal; of een les over de flexibiliteit van een cultuur door een grote taaldiversiteit te zien als parabel voor de flexibiliteit van de natuur bij een grote biodiversiteit, dan is het misschien wel een geschikte voetnoot voor in het curriculum.

Rob OEI Tiong Koen

“Het onderscheid tussen hen en hun is van oorsprong kunstmatig, en zelfs de meest taalgevoelige mensen hebben vaak moeite de goede vorm te kiezen in dit soort gevallen.”
Ik heb er geen enkele moeite mee. Van jongs af aan van pa en ma geleerd. En het mag dan in oorsprong kunstmatig zijn, dat doet er niet toe. Ik heb me laten vertellen dat het van rederijkers afkomstig is die hun taal naar de Latijnse spraakkunst wilden modelleren, maar hoe lang is dat geleden? Er zijn sindsdien zo’n twintig generaties opgegroeid die het onderscheid met de paplepel ingegeven hebben gekregen, als hun ouders ABN spraken tenminste. Daar is niets kunstmatigs meer aan. En het allerbelangrijkste: het onderscheid is functioneel, het geeft aan of we een datief of een accusatief gebruiken. Dat kan helpen om misverstand te voorkomen. Het is nuttig en behoort tot de rijkdommen van ons Nederlands. Houden dus.

Leen

Hun hanenhennen hunkerden naar hen, toen ze hen naar hen hoorden kraaien.

B.heldring

Derde en vierde naamval ligt aan het verschil ten grondslag. Je kunt het ook onderwijzen ipv afschaffen.