Taalrecorddag
17 mei 2004

Het Nederlands leent de laatste decennia zeer veel woorden uit het Engels. Daardoor neemt men al snel aan dat die taal de grootste leverancier van leenwoorden in het Nederlands is, maar dat is niet zo. Nicoline van de Sijs geeft in haar Geleend en uitgeleend (1998) cijfers die aan duidelijkheid niets te wensen overlaten: in het Etymologisch Woordenboek (1997) van Van Dale is 68,8% van de leenwoorden van Romaanse oorsprong (voornamelijk Frans en Latijn); 10,3% komt uit het Engels en 6,2% uit het Duits. Verder nam Van der Sijs een steekproef door alle woorden op de eerste vier pagina's van een willekeurig gekozen editie van NRC Handelsblad te inventariseren. Hier bleek zelfs 82,1% van de leenwoorden van Romaanse herkomst, tegen 7,4% voor het Engels en 6,8% voor het Duits. Verder bleek dat 16,2% van alle gebruikte woorden een leenwoord was. Als alle woorden maar één keer meegeteld worden, is het percentage leenwoorden 30,7. Dat cijfer is dan weer af te zetten tegen het Etymologisch woordenboek. Daarin is 73,9% van alle woorden een leenwoord.


Aanvullingen

Hebt u een aanvulling? Mail dan naar dossiers@onzetaal.nl. Vermeld indien mogelijk uit welke bron uw informatie afkomstig is. De interessantste reacties plaatsen wij op deze pagina.


De taalrecorddag op de Onze Taal Taalkalender werd geschreven door Raymond Noë en Saskia Aukema.


Terug naar de overzichtspagina van het dossier 'Taalrecords'.