Utrecht, 5 oktober 2019

Dit jaar, deze dag, wordt voor het eerst in de geschiedenis van onze moedertaal een taalboekenprijs uitgereikt. De prijs is een initiatief van Onze Taal – een initiatief dat direct en van ganser harte werd omarmd door het Algemeen-Nederlands Verbond (ANV), en het dagblad Trouw.  De prijs bestaat uit een oorkonde en een bedrag van 3000 euro.

De taalboekenprijs is een prijs voor het beste taalboek van de laatste anderhalf jaar – een boek dat bedoeld is voor een breed publiek, en dat oorspronkelijk, goed geschreven en taalkundig relevant is. Met die omschrijving beperk je je tot een overzichtelijk segment van de Vlaamse en Nederlandse taalboekenmarkt: er kwamen zo’n vijfentwintig boeken voor de prijs in aanmerking, en dat is misschien wel wat weinig voor zo’n mooi, rijk en boeiend onderwerp als taal is. Maar het niveau was hoog. In de uiteindelijke shortlist – kortlijst zo u wilt – stonden zes boeken die op het eerste gezicht weinig voor elkaar onderdeden. In alfabetische volgorde:

1 Babel. De twintig reuzentalen van de wereld, van Gaston Dorren:  twintig gedegen maar ook verrassende portretten van de grootste talen ter wereld.
2 Dat gezegd hebbend. Taal in politiek Den Haag na 1950 van Siemon Reker:  een grondige inventarisatie van zeventig jaar opmerkelijke politieke woorden, uitdrukkingen en uitspraken.
3 ‘Een mooie mengelmoes’. Meertaligheid in de Gouden Eeuw, van Marc van Oostendorp en Nicoline van der Sijs: de meertaligheid in de Lage Landen van de Gouden Eeuw – of moeten we liever zeggen: van de zeventiende eeuw – benaderd via twee verrassende invalshoeken.
4 Het groot Nederlands vloekboek en Het groot Vlaams vloekboek van Fieke Van der Gucht en Marten van der Meulen: een bonte verzameling van Vlaamse en Nederlandse vloeken, scheldwoorden en verwensingen.
5 Het zonderwoorden-boek. Waarom we steeds meer zeggen met emoji van Lilian Stolk: een vlot geschreven en alle aspecten bestrijkend stand-van-zakenboek over een actueel onderwerp.
6 Taal voor de leuk van Paulien Cornelisse: met verwondering en onderkoelde humor geschreven observaties van het taalgebruik om ons heen.

Zes boeiende en bijzondere taalboeken, die we met veel plezier gelezen hebben, maar die ook flink van elkaar verschilden – qua onderwerp, maar vooral ook qua aanpak en insteek. Een mand appels en peren – en bananen – die zich maar lastig lieten vergelijken. Het is daarom des te opmerkelijker, dat de vijf keurmeesters vrijwel unaniem tot dezelfde winnaar kwamen … een boek dat verrast door zijn opzet, een boek dat voortdurend blijft boeien en dat bovendien zeer prettig geschreven is, namelijk … Babel van Gaston Dorren.

Gaston Dorren schildert in Babel portretten van de twintig grootste talen ter wereld, van het Engels en het Chinees tot het Koreaans en Vietnamees. Hij doet dat door steeds een eigen, karakteristiek aspect van een van die twintig talen centraal te stellen, en het portret daaromheen op te bouwen. In het filmpje zag u al een paar van die kernvragen voorbijkomen: ‘Waarom zijn de regels van het Frans zo streng?’ ‘Waarom is het kleine Portugees een wereldtaal geworden en het kleine Nederlands niet?’ ‘Waarom spreken Japanse vrouwen anders dan Japanse mannen?’ Door deze aanpak krijg je niet alleen een beeld van de taal, maar ook van de cultuur van het land, en van de geschiedenis ervan. Je maakt niet alleen kénnis met de taal, je gaat ook begrijpen waarom ze is zoals ze is. Bovendien leert de lezer en passant ook nog eens heel veel over hoe taal werkt – over taalkunde dus – want Dorren voorziet waar dat nodig is de talige vork en steel van een kundige uitleg.

De jury had ook grote waardering voor de structuur en stijl van het boek: Babel verrast door zijn opzet, blijft voortdurend boeien door de afwisseling van gedegen informatie, een in elk hoofdstuk vastgehouden rode draad, verrassende feiten en intrigerende weetjes. De stijl is prettig: de auteur deelt volgens de beste non-fictietradities zijn kennis en ervaringen, en het geheel is erudiet, geestig, speels, helder en toegankelijk, met hier en daar een persoonlijke noot.

Het boek overtuigt in alle opzichten, wat ook mag blijken uit de vele vertalingen die het boek krijgt – en ook dát feit maakt Babel van Gaston Dorren tot een zeer relevant taalboek voor ons taalgebied.

De jury bestond uit: Ton den Boon, Peter Debrabandere, Nelleke Noordervliet (voorzitter), Geertje Slangen en Vibeke Roeper.